Preek van zondag 8 september 2019 - Startzondag Preek van zondag 8 september 2019 - Startzondag
Een goed verhaal

De Bergrede is een goed verhaal – het jaarthema voor komend seizoen. Volgens velen is het zelfs een van de beste verhalen in de Bijbel. De dingen die Jezus hier meegeeft blijven ons ook twintig eeuwen later nog inspireren en uitdagen. Dat begint al met de zaligsprekingen, waarmee de Bergrede opent. Daar worden zomaar allerlei mensen gelukkig genoemd die dat op het eerste gezicht helemaal niet zijn. De nederigen, armen en treurenden, de kwetsbaren die hongeren en dorsten naar gerechtigheid. Daarmee verrast Jezus zijn hoorders en zet Hij de wereld op z’n kop. En minstens zo verrassend is verderop de uitspraak dat we onze vijanden moeten liefhebben en dat we volmaakt als God kunnen zijn. Bij zulke woorden schrik je ook, want nu ligt de lat opeens wel heel hoog. Vijanden liefhebben, volmaakt zijn, dat gaan we niet redden.
Verder leert Jezus in de Bergrede hoe we kunnen bidden, met het ‘Onze Vader’. Woorden, kort en krachtig, die we hier wekelijks herhalen. En ook zijn er die prachtige oneliners. Zoek eerst het Koninkrijk van God en zijn gerechtigheid. Oordeel niet opdat je niet geoordeeld wordt, u weet wel, vanwege die splinter en die balk. Of denk ook aan deze: Een boom herken je aan z’n vruchten, ofwel: een mens aan zijn daden. En dan eindigt Jezus met die kleine gelijkenis over twee mannen, een dwaze en een wijze. De een bouwt op het zand – in Israël is dat, anders dan hier, geen betrouwbare bodem. De ander bouwt op de rots. Hij graaft dieper, hij schuift het mulle, losse zand opzij en zoekt een stevig fundament.
Nu is er wel een sterk vermoeden dat Jezus al deze dingen nooit in één keer achter elkaar heeft geleerd. Matteüs heeft ze waarschijnlijk zelf bij elkaar gezet en in de Bergrede tot een eenheid geboetseerd. Ga je bij Lucas zoeken, dan vind je in zijn evangelie wel losse fragmenten en ook een korte redevoering: de Veldrede. Maar zo’n lange Bergrede van – in onze Bijbel ‒ drie hoofdstukken lang, die vind je niet bij Lucas, en evenmin bij Marcus en Johannes. De Bergrede is dus ook het goede verhaal van Matteüs. Hij tekent Jezus uit als een nieuwe leraar, een nieuwe Mozes, die nog een stapje dichter bij God staat. In bijbelse taal: deze Jezus is de ware Zoon van God.
In de Bijbel ‒ beseffen we vandaag de dag ‒ staan ook minder goede of ronduit lastige verhalen. Dan wordt de naam van God verbonden aan grof geweld en blinde wraak, of lijkt er geen plek voor vrouwen en homoseksuelen. Ook stuiten we op een wereldbeeld – een platte aarde ‒ dat niet meer het onze is, of we missen het respect dat we tegenwoordig proberen op te brengen voor mensen die anders of niet geloven. Af en toe krijgen we dat als kritiek naar ons hoofd geslingerd. Hoe kun je die Bijbel nog lezen, dat is toch een ongeloofwaardig en achterhaald verhaal? Dan helpt het niet echt om in de verdediging te schieten. Om recht te praten wat krom is, of stug te herhalen dat de Bijbel toch gelijk heeft. Dat doet de zaak geen goed.
Nee, het is eerlijker om te zeggen: niet overal in de Schrift is de Geest even sterk aan het waaien. We weten dat de Bijbel minpunten heeft en vraagtekens oproept. Maar onder de streep, is onze ervaring ook na 2000 jaar, zitten we dik in de plus. Want dit oude Boek blijft ons, ondanks mindere fragmenten, telkens weer boeien, met z’n verhaalkracht, troost en inspiratie. Dat heeft om te beginnen te maken met de woorden van Mozes, de profeten en de psalmdichters. Dat heeft daar bovenop te maken met Jezus, met zijn levensverhaal, zijn gelijkenissen en niet te vergeten zijn onderricht in de Bergrede. Daar kom je als gemeente, zo is de ervaring van eeuwen, gewoon niet los van, die blijf je lezen en overdenken. En daar word je op den duur een wijs mens van, juist omdat Jezus’ wijsheid vaak zo onvoorspelbaar en tegendraads is.
Toch moet het daar niet bij blijven, bij lezen en overdenken. Dat geeft Jezus ons nadrukkelijk mee aan het slot. Want wanneer ben je pas echt een wijs mens? Als je zijn woorden niet alleen hoort maar ze ook doet! Wie er niet naar handelt, is als die dwaze man die snel klaar is en aan de oppervlakte blijft. Bij hem gaan de woorden het ene oor in, het andere uit, zonder er iets mee te doen. Hoe anders is dat bij die wijze man die er wel naar handelt en blijft graven, totdat hij een stevig fundament vindt voor zijn huis. Horen én doen, dat geeft volgens Jezus wijsheid en diepgang.
Daarin zit de geloofwaardigheid van de Bijbel en van ons als gemeente. Want je kunt wel eindeloos debatteren over de vraag of God bestaat en of de Bijbel betrouwbaar is. Maar dat heeft weinig zin. Er valt helaas niets te bewijzen, noch door voorstanders noch door tegenstanders. Het blijft ene kwestie van geloven. Het enige wat we kunnen, is laten zien wat dat geloof met ons doet. Hoe God van betekenis is in ons leven, en hoe bijbelse verhalen ons blijven inspireren. Want als het goed is, worden we er een ander mens van. Mensen die boven zichzelf uitstijgen, mensen die leven met oog voor de ander. Mensen die samen een liefdevolle gemeenschap vormen waarin ze elkaar tot steun en inspiratie zijn. Mensen die juist in de ontmoeting met de ander groeien in wijsheid.
Horen én doen, dat voorkomt dat geloof in de lucht blijft hangen als een vaag verhaal. Het wordt een goed verhaal, als we er uit leven en het handen en voeten aan geven. Niet alleen in ons persoonlijk leven, ook gezamenlijk als kerk. Laat dat ons streven zijn, ook komend seizoen. Laten we een wijze en geloofwaardige gemeenschap vormen, die aan het werk gaat met dat goede verhaal van Jezus. Dan bouwen we niet op zand maar op de rots. Die rots, dat is zijn woord. Die rots, dat is Jezus zelf. Amen



 
terug