Preek van zondag 17 okt. 2021 Preek van zondag 17 okt. 2021
Niet heersen maar dienen

Maandagochtend vroeg, op weg naar een dagje oppassen, werd het begin van deze preek geboren. Want op de radio kwam de bekende popsong van Tears for Fears voorbij: Everybody wants to rule the world. Iedereen wil heersen over de wereld. De presentator vertelde er nog een aardige anekdote bij. Want het oorspronkelijke nummer kende een andere titel. In eerste instantie heette het: Everybody wants to go to war. We zouden allemaal het liefst vechten of oorlog willen voeren – nee, dat was de band of anders wel de platenbaas toch wat te bont. De nieuwe titel kon wel eens meer waarheid bevatten. Everybody wants to rule the world. Wordt dit ook niet bevestigd door het evangelie, bij monde van twee leerlingen van Jezus. Meester, vragen ze, als U straks gaat heersen, mogen wij dan ook aan de touwtjes trekken? Mogen wij dan rechts en links van U zitten? Dat is de vraag van de broers Jakobus en Johannes, de zonen van Zebedeüs die niet echt bekend staan als watjes. Integendeel, eerder in het evangelie noemt Jezus hen Boanerges, ook in de nieuwe NBV vertaald als zonen van de donder. Het zijn gewoon donderstralen!

Die bijnaam zegt genoeg. Een flinke portie Bokito gedrag zal hen niet vreemd zijn. En ook de andere leerlingen lijken daar last van te hebben. Want we lezen niet dat ze hun hoofd schudden of in de lach schieten. Nee, als ze horen wat de twee broers gedaan hebben, worden ze boos. Waarschijnlijk hadden ze Jezus hetzelfde willen vragen, maar waren Jakobus en Johannes net iets eerder. Die donderstralen hadden weer eens voorgedrongen. Alle reden voor Jezus om de hele groep opnieuw onderricht te geven over de rode draad die door zijn leven loopt: niet heersen maar dienen. Dat is je taak, je roeping als mens. Jezus heeft dat volgehouden tot in de dood. De mensenzoon, legt Hij uit, is niet gekomen om gediend te worden maar om zelf te dienen. Hij geeft zijn leven als een losgeld, Hij wil ons bevrijden uit wat alle trekken heeft van een gijzeling waarbij zo’n losprijs nodig is. De mensheid, kun je zeggen, is als een gijzelaar die vastzit in een aloud patroon, een soort oerzonde: dan heersen we liefdeloos over elkaar, in plaats van de ander liefdevol te dienen. Heel zijn leven, tot in zijn dood toe, is Jezus – plat gezegd ‒ bezig ons te bevrijden van dat eeuwige gedonder. Die terugkerende neiging om, in het groot en in het klein, de baas te spelen over de ander. In de wereld, op het werk, in je gezin of je relatie, helaas ook in de kerk. Overal speelt wel iets van die vraag naar de macht.

Niet heersen maar dienen, krijgen de leerlingen mee. Dat is ook hier weer de kern van Jezus’ onderricht. Laat het machtsmisbruik dat volop aanwezig is in de wereld geen kans krijgen in jullie kring. Een heldere boodschap die ook gemakkelijk misverstanden oproept. Want het is niet zo dat de wereld vol zit met leiders die hun macht misbruiken, terwijl de kerk telkens een toonbeeld van dienstbare liefde is. Nee, de wereld valt mee, wist de gereformeerde voorman Abraham Kuyper al, en de kerk valt tegen. In de wereld van vandaag wordt macht vaak goed gecontroleerd door allerlei instanties. Is het niet door een democratisch gekozen parlement, dan wel door kritische journalisten zoals de twee Nobelprijswinnaars of die van Bellingcat of Follow the Money, die weten te dringen in westerse belastingparadijzen of Russische achterkamertjes. En als het af en toe goed fout gaat, zoals in de Toeslagenaffaire, dan ontstaat daarover ‒ ook al kwam dat pas laat op gang ‒ terecht grote beroering. Hoe dan ook is de democratie een groot goed dat we ook als kerk mogen koesteren. Het blijft de minst slechte bestuursvorm, zeer geschikt om machtsmisbruik te beteugelen.

Het is dan ook in de lijn met het evangelie om tegengas te geven aan populisten die roepen om een sterke man (zelden een vrouw) om de samenleving te leiden. Zelf schuiven zij dan die sterke man naar voren die als enige door zou hebben wat het volk wil. Voor je het weet misbruiken zulke lieden hun macht en zijn ze bezig hun achterovergedrukte miljoenen of miljarden onder te brengen op de Maagdeneilanden. Inderdaad, op zo’n moment valt de wereld lelijk tegen, maar op andere momenten valt ze juist reuze mee. Dan is het de kerk die tegenvalt, door liefdeloosheid en machtswellust. Elk nieuw hoofdstuk over seksueel misbruik – nu weer in Frankrijk ‒ getuigt daarvan. En ook de rol van de kerken als het om de slavernij gaat, kan ik nu al voorspellen voordat het onderzoek is afgerond, was zeker geen fraaie. Verder hoor je nog te vaak dat kerken in binnen- of buitenland mensen afwijzen om wie ze zijn of hoe ze denken. Dan zijn deze woorden van Jezus allereerst een spiegel voor onszelf, als kerk. Er kunnen zich in ons midden machtspelletjes afspelen, vaak onderhuids, die niet bij het evangelie passen. Ja, voor je het weet doe je er zelf aan mee, bijvoorbeeld als er lekker geroddeld wordt. Een bekend mechanisme: afgeven op een ander om er zelf beter uit te zien. Dat zit diep in ons, ongetwijfeld gevoed door onzekerheid: jezelf oppoetsen door een ander te bevuilen of zwart te maken. Paulus zag het al en kaart het aan in één van zijn brieven als hij schrijft: ‘Handel niet uit geldingsdrang of eigenwaan, maar acht in alle bescheidenheid de ander belangrijker dan uzelf.’ Dat is helemaal in de lijn van Jezus, een mooie variant op: niet heersen maar dienen. ‘Acht de ander belangrijker dan jezelf’.

De donderzonen Jacobus en Johannes, en ook de andere leerlingen moeten nog veel leren. Niet dat macht op zich verkeerd is, nee, er moet her en der bestuurd worden, in de wereld en ook in de kerk. Maar steeds is de vraag met welk doel. Probeer je vooral je eigen gelijk te halen of er zelf beter van te worden? Of heb je altijd weer oog voor de inbreng, het belang en welzijn van de ander? Dat laatste vraagt om een vorm van leiding geven waarin dienstbaarheid centraal staat. Zonder de geldingsdrang en eigenwaan die Paulus noemt en Jezus aantreft onder zijn leerlingen. Het is bijna grappig hoe die eigendunk zichtbaar wordt bij Jacobus en Johannes. Wijzend op zijn komende lijden stelt Jezus hen een retorische vraag: ‘kunnen jullie de beker drinken die ik moet drinken’. Bij zo’n vraag  verwacht je dat ze ‘nee’ zullen antwoorden. Want hier zijn die twee broers echt niet op voorbereid. Toch antwoorden ze vol eigendunk met ‘ja’. Die beker drinken die Jezus drinkt, ja dat kunnen zij ook wel. Hoe anders is de realiteit. Niet veel later, als Jezus in Jeruzalem gearresteerd wordt, weten Jacobus en Johannes niet hoe snel ze zich uit de voeten moeten maken, net als de anderen. Wil je om kunnen gaan met macht, leert Jezus hen hier, dan moet je oog hebben voor het lijden: die beker van het lijden van hem, en daarmee ook van zoveel anderen, van de wereld waarin we leven. Macht in bijbelse zin is erop uit dat lijden in deze wereld te zien, mee te voelen en proberen te verlichten.

Als wij deze zondag uit de beker drinken – of zoals in deze tijd: ieder uit een eigen bekertje ‒ dan is het belangrijk dit voor ogen te houden. Wij delen de beker met de mensenzoon die zelf de beker van het lijden dronk. En we gedenken hem die in zijn leven één werd met wie lijden in en aan dit bestaan. Wat je voor de machtelozen, kwetsbaren, meest onaanzienlijken doet, leerde Jezus ons, dat doe je voor mij. Avondmaal vieren betekent dus niet alleen dat we in onszelf keren, als moment van zelfreflectie op ons leven, ons slagen en falen, ons heersen en dienen – de weg naar binnen. Want ook komt in deze viering als vanzelf de ander in beeld en opent zich de weg naar buiten. Avondmaal vieren is een blijvende oefening in breken en delen, in oog hebben voor elkaar en de wereld. Het is elkaars butsen en wonden verzorgen, zoals Jezus dat doet in de voetwassing. Van hem, onze gastheer, leren we tijdens de Maaltijd om niet te heersen maar te dienen. Amen

 
terug